Grootheidswaanzin
Grootheidswaanzin
Nou hebben we geen kleine camper maar het is ook geen reusachtig ding. Al zou je dat wel zeggen als je ons hoort praten.
“Waar ligt m’n bril?”
“In de badkamer”
En daarmee bedoelen we het hokje van 80 bij 80 cm waar je alleen vooruit in kan en achteruit weer uit.
Of: “De kaasschaaf ligt nog in de afwasmachine” Dan ligt de kaasschaaf tussen de rest van het niet afgewassen spul buiten in een afwasteil.
Vroeger ging ik elk jaar een week samen met de kinderen naar Schier. Kleine frupjes waren ‘t nog. Maar desalniettemin hadden we wel 3 slaapzakken nodig, 3 matjes, pannen, handdoeken, bordjes, kleren, etc. De avond voor vertrek gingen we dan “oefenen” met de spullen sjouwen. Wie kon wat dragen van de boot naar de bus en van de bus naar de camping. Ik zie nog de kleinste van 4 voor me; bedolven onder de matjes en roepend dat ie best nog mijn grote weekendtas er bij kon dragen!
Aangekomen op de camping zetten we de tent op, precies groot genoeg voor drie matjes en wat tassen. En dan gingen de kinderen dozen zoeken. Een grote doos was de kast; daar gingen de bordjes en pannen in. Een iets kleinere als koelkast; met de kaas en de boter. En nog een kleintje voor de boodschapjes zoals brood en chipjes. Zo creëerden we voor een week onze eigen camping-villa.
Geen denken aan dat ze nu nog mee willen. Ook niet in de camper. Het lijkt wel of ze met terugwerkende kracht ontkennen hoe heerlijk we het hadden daar op die dunne harde matjes, met drie dozen als huisraad. Ik vind t allemaal prima; ik weet t allemaal nog ❤️